zondag 31 juli 2011

Dag 60 Zondag 31 juli 2011






Er valt niet zoveel te vertellen over vandaag. De rit was in het begin nat en het lampje is terug. Twee keer gehad vandaag. Alsof ie weet dat ik naar Inverness ga, waar de garage is. Camping die we uitgezocht hadden was vol, maar zij gaven ons een adres van een andere camping en die is ook prima. We staan vlak bij het plaatsje Daviot, rechtsonder Inverness. Morgen maar eens kijken wat de garage zegt. Verder heeft Anita wilde plannen, dus wij staan hier wel een tijdje.

zaterdag 30 juli 2011

Dag 59 Zaterdag 30 juli 2011

























De laatste volledige dag in het hoge noorden van Schotland. Ons eerste reisdoel is Dunnet Head, dit is het noordelijkste puntje van het Schotse vasteland. Het wordt een beetje afgezaagd, ook hier weer steile klippen en een schitterend uitzicht op de Orkney-eilanden. Het is mooi, helder weer. Eerst maar eens naar de top. Over het gras, dan kan Max zich mooi uitleven, want hij heeft diarree. Gaat wel weer over, maar wij zo gewend inmiddels om de poep van de honden op te ruimen en dan nu dit. Het laat zich niet eenvoudig oprapen, dus mooi wild gras is een goede oplossing. Op weg naar Thurso zien we een mooi strand in Dunnet Bay, dat bewaren we voor later. Ook Thurso is, net als Wick, begiftigd met één winkelstraat met zelfs een stukje voetgangerszone. Alleen rijden daar vrolijk auto’s over, dat dan weer wel. Konden zo gauw geen Wifi-point ontdekken, dus op naar de toeristeninformatie. Er is maar één zaak met Wifi en gelukkig was ie open. Daar de nodige updates gedaan en toen was het al weer hoog tijd voor de Highlandgames in Halkirk. Als je dorp inrijdt wordt er duidelijk aangegeven waar je auto geparkeerd dient te worden. Een immens veld en het was al gezellig druk. Bij de ingang van het terrein koop je een kaartje en dan schettert de kermismuziek je al tegemoet, de kinderen willen ook wat, nietwaar? Maar het gaat ons om de activiteiten op het sportveld en de lokale kramen eromheen. Het eerste wat opvalt zijn de grote jongens, ook buitenlanders doen mee in kiltkostuum en zij zijn aan het kogelstoten. Zij doen de rest van de dag diverse onderdelen, alle bloedzwaar en met veel gewicht. Terwijl zij in het midden bezig zijn is er ook een hardloopwedstrijd aan de gang. Het gaat er fanatiek aan toe. Daarna op hetzelfde circuit gaan ze wielrennen. Dat doen ze op een soort baanfietsen met vast verzet en iets dikkere banden dan normaal want zij rijden op gras. Lijkt me loodzwaar. Ondertussen wordt er ook gehink-stap-gesprongen. Dan komt voor de eerste keer een doedelzakband een rondje doen over het circuit. Stuk of zestien doedelzakken, basedrum (met een vrouwelijke drummer) en nog een aantal trommels. De tambour-maître, de man die voorop loopt met die mooie stok, kon er aardige dingen mee. Dan zijn de dansmariekes aan de beurt. Elke keer 3 tegelijk op het podium. Een vrouwelijke doedelzakspeler speelt elke keer een wijsje en zij moeten dan tegelijk een voorgeschreven dansje doen. De bewegingen zijn weliswaar niet multivariabel, maar ik heb groot respect voor de gratie en lenigheid van deze meiden. Terwijl zij dansen is er weer een wielerwedstrijd, een afvalrace dit keer, en er zijn aan de zijkant ook twee aparte podia waar doedelzakspelers om de beurt hun kunnen tonen voor een jury. Dus tegelijkertijd hoor je de twee doedelzakspelers, die van de danseressen, de kermismuziek, de speaker die alles aan elkaar praat en als klap op de vuurpijl zijn ze ook nog aan het schieten. Op het parkeerterrein hoorde je de schoten al, reden voor Sarah om aan te geven, dat ze liever in de auto bleef. Van het dansen en de band heb ik filmpjes gemaakt, ik ga kijken of ik ze op het internet krijg. Al met al hebben wij zo’n anderhalf uur rondgelopen en het was leuk om het een keer te zien. Ik vond het zaklopen van de plaatselijke jeugd nog het leukste en wat mij ook opviel was hoe serieus iedereen aan de games meedeed. Of het nou een atleet was of een doedelzakspeler of een danseres, blijkbaar was er toch wel enige eer te behalen. De sfeer was uiterst gemoedelijk en Anita heeft een paar praalhansen in mooie kostuums vereeuwigd. Kijk maar naar de foto’s. Terug via binnenweggetjes naar het strand van Dunnet gegaan. Konden de honden ook hun ei nog kwijt. Nu weer op de camping, waar Ed het verslag doet en Anita de aardappelen vast schilt. Kipfilet en bietjes en als toetje aardbeien met slagroom. Ja het valt niet mee, dat kamperen. Vanavond misschien nog de voortent eraf, scheelt weer als we morgen vertrekken.

Dag 58 Vrijdag 29 juli 2011











Vanochtend een buitje, maar de zon schijnt alweer volop. Dat is toch wel leuk aan het weer hier, het duurt nooit lang. We hebben eigenlijk slechts twee dagen gekend met de hele dag constant regen, één keertje in Wales en één keer op het eiland Skye. De rest van de regen waren echt buien van hooguit een uur en dan waaide het wolkendek weer open. Zo ook vandaag. We zijn richting Wick gegaan. Na zo’n kilometer of 5 linksaf naar Skirza Head. Je rijdt dan een onooglijk weggetje af wat schijnbaar uitloopt op een erf, maar TomTom laat dan zien dat de weg doorloopt. Dat doe je dan maar en verdomd er loopt een karrespoor verder. Dat eindigt dan heel abrupt op een rotsklomp, enigszins in een kom, het lijkt wel een kleine steengroeve. Maar je zit wel bovenop een klif, met een enorme scheur rechts die zo’n 50 meter landinwaarts gaat en toch gauw zo’n 80 meter diep is. Beneden hoor de zee klotsen, zien doen we niets want het is te steil en gevaarlijk. Aan de overkant zie je wel allerlei vogels broeden op de richels van de spleet. Heel apart. Was blij dat ik mijn auto nog kon draaien. Daarna in Sinclairs Bay een strandje opgezocht. Rennen was weer het parool. Lag een mooi zeilschip voor anker en voor de rest was er enorme stilte. Alleen de golven zijn te horen, maar deze deden dat vandaag in een enorm lui tempo. Samen met die zon op je gezicht, dan vallen de luiken al spoedig dicht. Daarna Wick bezocht, dorpje is het woord. Eén winkelstraat met 20 winkels. De plaatselijk super is net definitief gesloten, want net buiten het dorp hebben ze een nieuwe Tecso gebouwd en daar gaat iedereen nu naar toe. Na het winkelen, want wij gingen ook maar naar Tecso, naar Noss Head gereden. Daar was in het zicht van het lighthouse zoals we verwacht hadden, een picknickplaats. Maar daar was al een Duits gezin op neergestreken en er zijn natuurlijk grenzen. Klein stukje terug zijweggetje genomen en we hebben heerlijk gepicknickt in het veld naast het vliegveldje. In het veld daarnaast liep één koe. Toen we weggingen stonden er 40 koeien naast elkaar bij het hek. En maar kijken naar die honden en naar ons. Het spreekwoord is zo nieuwsgierig als een oud wijf. Van mij mag dat vanaf nu zijn : zo nieuwsgierig als een koe. Terug via een grote boog door het binnenland naar de camping. Mooi glooiend landschap met akkerbouw en veeteelt. Niet echt typisch Schots maar voor een dag in de week kan het ermee door. Morgen naar Thurso een nog een andere rondrit en dan naar Halkirk waar Highlandgames zijn. Ben zeer benieuwd. We hoorden van een lokale bewoner hier dat dit één van de grotere Highlandgames is. Ben nu nog benieuwder. Verder hebben we het wel zo’n beetje gezien hier in het noordoosten van Schotland. Het wordt tijd dat we gaan afzakken.

Dag 57 Donderdag 28 juli 2011


Om 9.00 uur waren we al op weg. Nog even tanken en vers brood en wegwezen is het parool. Het was een mooie rit. Af en toe best klimmen, maar het aantal auto’s viel reuze mee en dan kan je lekker doorrijden. Via Bettyhill en Thurso naar John O’Groats. Thurso leek gezellig tijdens het doorrijden dus daar gaan we zeker nog een keertje naar toe. Rustig plekje gevonden op de camping, voortent erbij, wie doet ons wat. Honden kunnen nu weer rustig, los voor de tent liggen in het gras. Dat kon op die andere camping niet. Nadeel van zo’n mooie plek aan de rand van de klif is dat iedereen langs je caravan loopt en daar worden de honden niet echt rustig van. Maar hier is dat dus duidelijk anders. Voor drie nachtjes betaald, ik denk dat we dan wel toe zijn aan het begin van de afdaling van noord naar zuid. Onze volgende stop wordt Rosemarkie.

Dag 56 Woensdag 27 juli 2011










Wederom stralend weer. Dit wordt een dagje rondrijden en de boel verkennen. Omdat we vanaf Durness niet meer terugrijden besluiten we om het rondje linksom te rijden. Dus eerst terug naar Laxford Bridge, daar linksaf de A838 op naar Lairg. Mooi ritje met mooie natuur. Ik zal jullie de superlatieven besparen. In Lairg Wifi point gevonden in de vorm van een tearoom waar je ook buiten kon zitten. En als de zon schijnt, gaat Anita buiten zitten. En dat Edje geen moer ziet op zijn laptopscherm, dat is zijn probleem. Maar het is toch weer gelukt. Na de high tea in Lairg de A836 op naar Tongue en daarna weer terug naar de camping. Dit laatste stuk gaan we morgen dus met de caravan rijden en er zitten een paar pittige stukjes in. Zo pittig dat ik overweeg om de route te verleggen. Maar terug op de camping is er een invasie van Nederlanders. De KCK is op visite. Leuk. 22 stellen met 22 caravans. Zij komen die dag vanaf John O’Groats en hebben allemaal die route gereden die wij morgen in de omgekeerde richting willen rijden. Nou dat was de druppel. Als 22 KCK’ers die route kunnen rijden, dan gaat dat ons ook wel lukken. Dus morgen op naar John O’Groats, een verbastering van Jan de Groot, een Hollander die daar ooit een veerdienst opzette naar de Orkney-eilanden.

woensdag 27 juli 2011

Dag 55 Dinsdag 26 juli 2011






Het begon bewolkt, maar later op de dag verdwenen de wolken en werd het een stralende dag. De wind bleef echter koud. Het is vandaag Puffinday. Maar voor we gingen wandelen eerst maar eens naar de toeristeninformatie gegaan. “Nee, er is hier nergens Wifi”. Ok. Waar dan wel? Nou, misschien in Bettyhill. Dat is hier 50km vandaan. Dan moet het thuisfront helaas maar een paar dagen wachten op nader nieuws. Ook nog gevraagd naar de Highlandgames die hier vrijdag zijn. Ik probeerde uit te vissen of het echt nationaal niveau was of dat het meer een lokaal gebeuren was. Nou, die dame nam het echt op voor Durness. Voor dit plaatsje is het een megaspektakel, maar ik was niet echt overtuigd. Dus gaan we donderdag volgens plan verder en missen we dit festival wat vlak naast de camping gehouden wordt. Tenslotte ga ik ook niet in Tietjerkstradeel naar het jaarlijkse feest van koekhappen, twirldansen en hoornblazen, nietwaar ? Maar genoeg cultuur, wij gingen wandelen naar de kliffen om de Puffins te zien. Vanaf de parkeerplaats begonnen we met een lang strand waar we langs moesten lopen. Nou, dat vonden de honden prima. Daarna de heuvels in die vreemd genoeg wel duinen leken, zoveel mooi wit zand lag er. Toch zijn het volgens mij geen echte duinen want de ondergrond is steen. Maar mooie wandeling gemaakt langs de kliffen en veel vogelnesten gezien. Diverse soorten meeuwen en aalscholvers gespot, maar helaas geen Puffins. Zeker een vrije dag, denk ik, want volgens de plaatselijke VVV moet je je nek breken over ze. Doet me denken aan dat verhaal van die elanden toen we in Scandinavië waren. Volgens de brochure waren er meer dan 800.000 elanden en moesten ze er elk jaar meer dan 100.000 afschieten om het een beetje leuk te houden. Nou toen wij er waren moesten we ze echt zoeken en het duurde zeker 5 zoekdagen voor we er een paar zagen in het wild. Met die Puffins lijkt het net zo te zijn. Op de terugweg kwamen we op een andere strand waar we heerlijk van de zon hebben genoten. Terug op de camping bleken we onze oude buurtjes uit Zwitserland geruild te hebben voor nieuwe buren uit Zwitserland. Kleine wereld is het toch. Het bleken leuke buren te zijn waar we gezellig mee hebben geborreld. Morgen gaan we met de auto de omgeving verkennen. Mijn voorhoofd zit een beetje strak, ik geloof dat ik zelfs een beetje verbrand ben. En dat in Schotland.