Binnendoor de provinciale weg genomen naar Carlisle. Daar de snelweg op en waar we twee weken geen last meer van hadden, manifesteerde zich weer: het gele lampje. Tot twee keer toe gestopt, motor af, motor aan en daarna geen last meer gehad. Hoorde wel een raar, gierend geluid onder de motorkap en heb het ding gelokaliseerd. Als de garage nu bevestigt dat ding in het circuit van dat lampje zit, dan laat ik hem vervangen en hopelijk zijn we er dan vanaf. ’t Is een klein plastic geval waar twee rubber slangetjes op uitkomen en daarboven zit een stekkertje met een aantal draadjes. Geen idee wat het is. Onderweg veranderde de natuur. Het werd in onze ogen alleen maar mooier, minder stenen walletjes, meer open en heel veel kleuren groen. We zijn via Dumfries en Newton Stewart helemaal doorgereden naar Portpatrick op het schiereiland Rhinns of Galloway. Vlak voor Portpatrick een binnenweggetje op naar de camping. Stel je voor: een gladgeschoren grasveld van een halve hectare, licht glooiend naar beneden, met uitzicht op de zee en aan de overkant zien we Belfast liggen. Ik denk dat we zo’n 100 meter boven zeeniveau zitten. Het is stralend zomerweer, de wind is nog fris. Rondom het grasveld staat een stevig hek, daarachter allemaal stieren van zo’n jaar oud. Het zijn er wel 100. Af en toe zijn het net jonge honden, alleen maken zij wat meer lawaai als ze met zijn allen gaan rennen. Anita is wandelen met de honden, ik zit te wachten op een belletje van de garage en op de campingbaas, die ik heb uitgenodigd voor een borrel. Vanavond maar eens lekker douchen want deze camping heeft douches! Toch maar even naar het dorp, Portpatrick. Heel apart, leuk haventje en een gezellige atmosfeer. Voor de honden was het pech, alleen maar rotsen. Op een terrasje aan de haven gezellig gegeten. Honden zijn een magneet voor oudere dames en dronken mannen. Zonder wat te vragen krijgen we adviezen, anekdotes, enz. Ach, ze bedoelen het allemaal goed. Er was één man die zeer bezorgd was over de conditie van Max. Ondanks het feit dat ik hem vertelde dat de dierenarts Max zeer gezond vindt. En Max was ook geen bordercollie maar een halve greyhound. We hebben hem maar gelijk gegeven. Terug op de camping wilde de campingbaas liever dat we bij hem een borrel kwamen drinken. De glazen stonden al klaar. We hebben verschillende whiskeys bij hem gedronken, de één nog lekkerder dan de andere. We hebben foto’s van de merken voor Arie. Hij bleek in 1953 naar Nederland geweest te zijn. Betekent dat hij minstens 80 is nu en dat zou je hem niet geven. Naarmate de drank vloeide kregen we steeds meer te horen over zijn leven en zijn familie. Ook moesten we alles zien, zijn schilderijen, zijn beeldjes en zelf zijn badkamer. Na een dik uur namen we afscheid, nog duizelend van de informatie die we hadden gekregen. Of was het de drank? Bij de tent nog even genoten van het uitzicht. Alle lichtjes van Ierland schitterden ons tegemoet. We hebben twee nachten vast betaald, omdat de campingbaas naar Edinburgh gaat en pas vrijdag weer terug is. Ik denk dat we hem nog wel zullen zien. Er schijnen hier mooie stranden te zijn met zand, morgen maar eens de boel verkennen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten